Stuiten en luisteren
Een speelse warming-up waarbij iedereen een eigen bal heeft. De kinderen stuiten honderden keren, leren de bal met hun vingertoppen te controleren en op te kijken tijdens het stuiten.
De ballendief
Een stuitspel voor de jongsten. Iedereen stuit zijn bal terwijl een ballendief er een probeert te stelen. De kinderen leren de bal af te schermen met hun lichaam, te stuiten met het hoofd omhoog en vrije ruimte te vinden.
Minihandbal 3 tegen 3
Partijvorm op een klein veld: drie veldspelers en een keeper per team op een kleiner veld. Veel balcontacten en schoten, en de kinderen leren vrij te spelen en snel te hervatten na een doelpunt.
Passvierkant – passen en volgen
Een klassieke passoefening: pass naar de volgende pion en volg je pass. Traint passen en vangen met twee handen en direct bewegen na de pass.
Stuitslalom en sprongschot
Stuit door een slalom, neem drie passen tot de 9 meterlijn en rond af met een sprongschot. Traint stuiten met beide handen, het passenritme en schieten tegen een keeper.
Looppasses met drie
Drie spelers rennen in drie banen over de lengte van het veld en passen op snelheid, midden–hoek–midden, en de middelste speler rondt af vanaf 9 meter. Traint passen en vangen op volle snelheid en de passenregel.
Hoekschoten vanaf beide hoeken
De hoekspeler geeft de bal aan de opbouwer, rent om de pion, vangt op snelheid, springt de cirkel in en vergroot de hoek. Traint de looplijn van de hoekspeler, vangen in beweging en schieten vanuit een scherpe hoek.
Keepersserie vanaf vijf posities
De keeper krijgt schoten van de linkerhoek, linkeropbouw, middenopbouw, rechteropbouw en rechterhoek en stelt zijn positie voor elk schot opnieuw in. Traint positiekeuze, verplaatsen tussen de hoeken en snel reageren.
Kruisen tussen de opbouwers
De middenopbouw valt schuin aan naar één kant en de linkeropbouw kruist erachter en krijgt de bal in het gat. Traint de timing van het kruisen, looplijnen en verdedigers meetrekken.
Break in golven
Na een redding start de break: de hoekspelers rennen als eerste golf, de opbouwers volgen als tweede. Als de eerste golf gestopt wordt, gaat de bal naar de tweede golf, die het overtal benut. Traint snelheid, keuzes en de structuur van de break.
6-0-verdediging laten schuiven
Zes verdedigers bewegen mee met de bal terwijl de aanval hem rondspeelt. De verdediger tegenover de bal stapt uit, de buren dekken af en de hele verdediging schuift naar de balkant. Traint samenwerking, uitstappen en gaten dichten.
De hoek loopt in
De hoekspeler past naar de opbouwer en loopt langs de 6-meterlijn in als tweede cirkelloper. De opbouwer vindt de hoek in het gat, of schiet zelf als de verdediging terugzakt om het inlopen af te dekken. Traint het inlopen, timing en de verdediging lezen.
3 tegen 3 met cirkelloper – lezen en kiezen
Linkeropbouw, middenopbouw en cirkelloper tegen drie verdedigers. De cirkelloper zet een blok en het midden gaat erlangs. Helpt de buurman, dan staat de opbouwer vrij; nemen de verdedigers over, dan draait de cirkelloper weg richting doel. Traint blok en wegdraaien, beslissingen en samenspel.